Een maand geleden stond er op het intranet te lezen: “In plaats van de maandelijkse verjaardagslunch, wordt er vanaf december een f*cked up café gehouden. Het doel is om meer van elkaars fouten te leren. We starten om 12:00 uur, neem je eigen boterham mee. Hoop jullie te zien. Groeten van directeur M.”

Koren op mijn molen! Ik neem deze dagen deel aan de masterclass Echt leren van fouten en daar sluit dit initiatief prachtig op aan. Met gepaste trots over zo’n mooi initiatief, doe ik een mailtje naar de directeur. Ik zit namelijk op een andere vestiging en zie hem slechts eens per maand. “Hoi M., Mag ik ook komen? Als jij denkt dat het minder gepast is, omdat dit de eerste keer is dat het wordt georganiseerd, of omdat de meeste mensen mij niet kennen, moet je het ook aangeven, schrijf ik hem. In de bijlage voeg ik nog een artikel toe waarin de AFM uitlegt wat het nut en noodzaak ik van het bespreekbaar maken van fouten.  Na overleg met de directie voorzitter ben ik welkom. En zo fiets ik dus door een licht bevroren landschap, met een laagstaande zon, naar het station. Onderweg naar het f*cked op café.

Aangekomen zie ik al een aantal mensen in de ruimte zitten. Een stuk of 8 collega’s zijn aanwezig. Ik word hartelijk begroet door M. De anderen ken ik niet, dus ik stel mezelf even kort voor. Het is inmiddels 12:10 uur en M. stelt voor om te beginnen. Iedereen neemt plaats en om het geheel wat minder stijf te maken is er gekozen voor een kringopstelling. “Ik stel voor dat we even een rondje doen. Kun je jezelf misschien even voorstellen en aangeven wat je verwachtingen zijn”. Het is stil, niemand neemt het woord. Naast mij neemt mevrouw S nog snel een hap van haar boterham. Met volle mond praten mag niet. Dus deze beurt gaat aan haar voorbij. M. vraagt mij of ik, als gast in dit gezelschap, als eerste het woord wil nemen. Slim van hem, op basis van onze mailwisseling heeft hij verwachtingen van mij.
Als een soort van Anonieme Alcoholist neem ik het woord. “Hoi, ik werk in Groningen en ik ben hier vandaag, omdat ik het heel speciaal vind dat jullie hier een f*cked up café organiseren. Ik volg momenteel een masterclass aan de Hanze Hogeschool die in het teken staat van fouten maken. Dit als onderdeel van de opleiding positieve psychologie. Dit is voor mij nieuw en ik ben erg benieuwd hoe jullie van elkaars fouten leren”. Mevrouw S heeft haar mond inmiddels leeg en bitst naar mij: “Dus we zijn jouw levende studie materiaal?” Ik: “Uhhh nou, niet per definitie. Ik maak zelf ook fouten waarvan ik probeer te leren. Maar soms ziet een ander het scherper. Dus ik kom hier wat halen, maar wil ook wat brengen”. Mevrouw S.: “Nou, als je het Libellegelul maar thuis laat, daar heb ik geen zin in”. Zo, de toon is gezet! Dit zie ik niet meer goed komen vandaag tussen ons. Tjemig, wat had deze mevrouw op haar boterham dat ze zo reageerde?!

Directeur M. grijpt subtiel in en neemt het stokje van mij over. De andere mensen zijn collegiaal en ik zie dat ze eigenlijk allemaal het gedrag van mevrouw S. proberen te compenseren. What was I thinking om mezelf hiervoor uit te nodigen? Wat zou de motivatie van mevrouw S. zijn om hier te zitten? Ik durf het haar niet te vragen. De sociaal wenselijkheid van het behouden van een goede sfeer wint het van de vraag. En eerlijk is eerlijk, ik heb er het lef ook niet voor.  De resterende drie kwartier ben ik er maar half bij met mijn gedachten.

Aan het einde doet directeur M. een rondje om te horen hoe een ieder het heeft ervaren. De reacties zijn positief, maar ook tam. Uitzondering hierop is mevrouw S. In niet te misverstane bewoordingen geeft ze aan dat ze het als erg storend heeft ervaren dat ze haar eigen boterham heeft moeten meenemen, terwijl er bij de verjaardagslunch altijd een lunch aan de medewerkers werd aangeboden. Verder vond ze het wel ok.

Gedurende de treinreis terug baal ik van mezelf. Waarom heb ik mevrouw S. niet gevraagd wat ze kwam doen? Waarom hebben een paar opmerkingen van haar zo’n impact op mij en laat ik mijn energie niveau naar een vriespunt trekken? Opeens schiet ik in de lach en de man tegenover mij vraagt: “Binnenpretje?”. Ik: “Ja. Zoiets”.

Help! Deze sessie was voor mij  zo mislukt, dat het gewoon goed was. Had ik door mevrouw S. niet opnieuw inzicht gekregen in mijn valkuilen? Haar indirecte les voor mij was om om wat meer lef te tonen en mijn gedachten écht uit te spreken. Wat had ik te verliezen? Veel energie, dus!

Op station Groningen stap ik uit. Ik besluit om niet meer naar mijn werk, maar naar huis te fietsen. Ik kruip op de bank met een lekker glas wijn. Drie uur ’s middags, als je niet beter zou weten, dan zou je denken dat ik mij moed aan het indrinken ben, om een zware bijeenkomst van de Anonieme Alcoholisten achter me te laten. Ik proost met mezelf op het inzicht van de dag en wens mezelf meer lef toe. En bedank in gedachten mevrouw S.

 

Gastblog van een van de deelnemers aan de masterclass Echt leren van fouten, die Agnes Schilder en Joris Brenninkmeijer in november 2017 verzorgden aan de Hanzehogeschool Groningen.

Over de auteur

Joris Brenninkmeijer

Joris is blogger, organisatieontwikkelaar en coach. Het thema van mislukking fascineert hem al sinds hij als schaker zijn eerste successen behaalde, onder meer als jeugdkampioen van Nederland. Het schaken leerde hem hoe moeilijk verliezen is, hoe lastig het is om een nederlaag onder ogen te zien en je fouten grondig te analyseren. Hetzelfde fenomeen ziet hij in zijn huidige werk als organisatieadviseur in de organisaties waar hij mee werkt. Het is vaak lastig open en eerlijk te zijn over je eigen fouten en er samen van te leren. Hij draagt er graag aan bij dat de sfeer en het klimaat zodanig worden, dat dat kwetsbare leergesprek kan ontstaan. Het is zijn waarneming dat succes en mislukken een wonderlijke en paradoxale samenhang hebben. Sinds hij zich bezighoudt met 'mislukking' gaat het hem professioneel gezien voor de wind. Op mislukkingskunst is hij dus voorlopig niet uitgekeken. Kijk voor meer over Joris op www.brenninkmeijer-ontwikkeling.nl

Laat een reactie achter

Close